FFG Review: Casse-tête chinois

Cinéart

Cinéart

Rating: ★★★½☆

Antoine Doinel. Céline en Jesse. Het zijn maar voorbeelden van personages die samen met hun acteurs op het witte doek ouder, maar vooral wijzer zijn geworden. Xavier Rousseau behoort nu ook tot dit lijstje. Xavier who? Als ik nu L’Auberge Espagnole zeg, valt de euro dan?

Cinéart

In 2002 schiep Cédric Kaplisch deze neurotische Parisien tot leven. Xavier (Romain Duris), toen student, besloot een jaartje Erasmus te doen in Barcelona en kwam terecht in een appartement vol vrolijke soortgenoten. Een chaotische, warme en optimistische analogie voor een Europese Unie in het prille begin van de Eurozone. Drie jaar later werd het vervolg al ingeblikt, Les Poupées Russes. Alhoewel Xavier nog steeds worstelde met existentiële vraagstukken boeide het geheel al wat minder dan zijn voorganger. Anno 2013 blaast Klapisch terug leven in zijn hoofdpersonage en het resultaat is – gelukkig genoeg – een even chaotische en vrolijke warboel als het eerste relaas.

Het verhaal in een notendop: de Britse Wendy (Kelly Reilly) beslist na tien jaar huwelijk Xavier in te ruilen voor (een) New York(er) en neemt hun beide kinderen mee. Xavier, nu een schrijver met weinig inspiratie, beslist noodgedwongen Parijs in te ruilen voor The Big Apple, waar zijn lesbische soul mate Isabelle (Cécile De France) ook woont en tevens het kind van Xavier draagt via inseminatie. De boel wordt nog complexer als de echtscheiding een administratieve hel blijkt te zijn waardoor Xavier een schijnhuwelijk moet aangaan. En dan is er nog ex-vriendin Martine (Audrey Tautou) die plots een vrijpartijtje voorstelt tijdens een bezoek.

Cinéart

Klapisch bewandelt, zeker in het eerste deel, het tragikomische koord moeiteloos. Emotioneel geladen scènes worden nooit echt au sérieux genomen, mede door dat heerlijk nonchalante acteerwerk van Duris, maar vooral dankzij een zeer geslaagde montage van Anne-Sophie Bion, die waarschijnlijk heel wat inspiratie haalde uit de films van François Truffaut.

Het scenario leent zich er uiteindelijk ook toe. Naast de zelfreflectieve voice-over van Xavier, heeft Klapisch ook een uiterst interessante meta-discours neergepend: Xavier is momenteel zélf Casse-tête chinois in boekvorm aan het schrijven. Doordat de lijn tussen personage en regisseur wazig wordt, tovert New York voor onze ogen om tot een speelplaats met eindeloze (filmische) mogelijkheden, waar we bijvoorbeeld dat tikkeltje meer naar verlangden in Frances Ha.

Maar net als zijn voorgangers heeft dit luik natuurlijk ook zijn – Frans-chauvinistische? – imperfecties. De grootste fout bevindt zich weliswaar in de tweede helft van de film: het komische van het tragikomische verslapt en de montage wordt minder frivool, waardoor het geheel begint te slepen… en we zwijgen over dat melig einde! Hoewel Klapisch uiteindelijk geen Truffaut blijkt te zijn, is deze prent een Franse komedie zoals we ze graag lusten: slim, licht en met genoeg ruimte voor (levens)filosofie.

Related Posts Plugin for WordPress, Blogger...
TAGS: , , , , , , ,

Comments are closed.