5x (klets, boem, beng)²

Sony Pictures

Actiejunkies moeten tegenwoordig de aderen vullen met superheldverfilmingen, overbodige remakes of – godbetert – Michael Bay-films. In het beste geval krijg je dan eerder vermakelijk spektakel in plaats van snoeiharde actie. In het slechtste geval een opeenvolging van beeldflitsen waar je zelf enige samenhang mag in zoeken. Wie nog eens wil genieten van het pure, onversneden actiespul kan in selected theaters – het strafkamp voor al wat niet Engelstalig is – terecht voor The Raid, een Indonesische actiesplinterbom waarin de vuistslagen je eigen onderkaak doen zinderen en je de kruitdampen kan ruiken. Omdat de kans bestaat dat je na de roes van The Raid nog zin hebt in iets, hebben wij vijf actiefilms geselecteerd die je minstens even hard van je sokken blazen.

The Criterion Collection

Hard Boiled

Het is niet John Woo’s beste film – die eer gaat naar The Killer – maar de actie die de Hongkongregisseur hier serveert is nog altijd du jamais vu. Hard Boiled begint met een furieuze shootout in een theehuisje en eindigt in een 45-minuten durende orgie van blauwe bonen, stukgereten lichamen en versplinterd glas. Het is meestal die finale, waarin een verbluffende long take zit, die de hemel wordt ingeprezen en staande ovaties mag ontvangen. Maar het waarlijke actiehoogtepunt komt ergens halfweg de film wanneer Tequila (Chow Yun-Fat, who else?) in zijn eentje een loods vol schurken binnenvalt. Violence ensues. Chow tangoot, jived, salsaat en horlepiept doorheen de kogelregens en knalt sierlijk een buslading slechteriken naar de eeuwige jachtvelden. Over-the-top? Gespeend van enig realisme? Absoluut! Maar dit is met zoveel chutzpah gebracht, is zó goed gechoreografeerd en zit zo tsjokvol heerlijke shots (Tony Leung die door die exploderende auto klautert!) dat je sowieso plat moet gaan. In het genre van de pief-poef-paffilm moet Hard Boiled nog altijd overtroffen worden.

Paramount Pictures

Raiders of the Lost Ark

Douglas Slocombe was verrukt toen Steven Spielberg hem vroeg voor de cinematografie van Raiders of the Lost Ark. Dougie hoopte op de kans en de tijd om shots te filmen die niet zouden misstaan in Lawrence of Arabia. Maar Spielberg moest hem teleurstellen. Hij wilde Raiders aan een sneltempo inblikken. Om kosten te drukken. En om de film energiek te houden. En boy oh boy, spat die energie van het scherm. Het eerste avontuur van Indiana Jones is nog altijd een weergaloze rollercoaster met setpieces om in te kaderen. Opvallend is ook hoe brutaal en gewelddadig de film is, zeker in vergelijking met het vermaledijde Kingdom of the Crystal Skulls.

Indy knalt achteloos mensen neer (met als hoogtepunt de zwaardvechter op de markt), gooit nazi’s in vliegtuigschroeven of rijdt er met de vrachtwagen overheen. Tegenwoordig kan je dat niet meer doen zonder hommeles te krijgen met de ratingcommissie. Ook het stuntwerk is top notch. De finale achtervolging met de truck doet nog altijd naar adem happen, zeker wanneer Indy (in werkelijkheid legendarisch stuntman Vic Armstrong) onder en achter de truck hangt. En dat hier geen grammetje CGI – het kon ook nog niet, toegegeven – aan te pas komt, maakt de impact ervan des te groter. Raiders of the Lost Ark is niet alleen een knoert van een actieprent, het is ook één van de weinige films die de perfectie benadert. Ja, misschien zelfs de perfectie is.

TriStar Pictures

Total Recall

Toen Paul Verhoeven na het succes van RoboCop, zijn eerste Amerikaanse film, het kortverhaal We Can Remember it for You Wholesale van Philip K. Dick mocht verfilmen, kreeg hij een project in handen waar een leger scenaristen en een half legioen regisseurs al zijn tanden had op stuk gebeten. Zelfs de grote Verhoeven zat even met de handen in het haar. Toen bleek dat Arnold Schwarzenegger in de huid van Douglas Quaid zou kruipen, zag de Nederlander licht aan het einde van de tunnel. Hij kieperde alles wat naar ernst rook uit het script en besloot er een grand-guignol actionfest van te maken. En maar goed ook. Schiet- en knokpartijen, achtervolgingen en ontploffingen; Total Recall biedt voor elk wat wils. En Verhoeven schuwde a bit of the old ultra-violence niet. Zo gebruikt Schwarzenegger in één van de vuurgevechten een toevallige passant als menselijk schild en rukt hij vrolijk de armen van één van de schurken af. Ik zie het Colin Farrell niet meteen doen in de remake.

Universal Pictures Benelux

Terminator 2: Judgment Day

Alweer Schwarzenegger? Ja! Alweer Schwarzenegger. Want wat zou de actiecinema zijn zonder de Oostenrijkse vleeshomp? En zonder Terminator 2: Judgment Day? De sequel op James Camerons doorbraakfilm is bigger, louder en eigenlijk ook wel better. Hij-die-zich-later-koning-van-de-wereld-zou-kronen kreeg 94 miljoen dollar ter beschikking. Op dat moment het grootste budget voor een film ooit (tegenwoordig durven ze al tussen de 250 en 300 miljoen dollar investeren, it’s evolution baby!). Maar Cameron besteedde het geld goed, zéér goed. Niet alleen toverde hij revolutionaire special-effects op het scherm (de morphende T-1000 blijft retecool), hij knutselde ook een handvol actiescènes in elkaar die nog altijd tot voorbeeld dienen. Mijn favoriet? De finale. Die begint met een zenuwslopende raid op Cyberdyne, gaat over in een achtervolging tussen een helikopter en een wagen en eindigt in een sombere staalfabriek met een snoeihard duel tussen de beide terminators. Maar tussen de ratelende machinegeweren en gierende banden – dit blijft een chasemovie pur sang – door, houdt Cameron toch de spots op zijn personages. Als de T-800 op  het einde van de film een warm gesmolten metaalbadje neemt, komt dat dan ook aan als een mokerslag.

Twentieth Century Fox

Die Hard

Die Hard op een boot, Die Hard op een vliegtuig, Die Hard in een hockeystadion, Die Hard op friggin’ Alcatraz,… ettelijke keren al is de succesformule gekopieerd. En hoewel sommige klonen in de buurt kwamen, kon geen enkele het origineel evenaren, laat staan overtreffen. De twee grote troeven van de film: de hoofdrolspeler en de regisseur. Bruce Willis, die op dat moment nochtans de star credibility had van een Maggie De Block, is perfect gecast als de onelinerspuiende working class hero. Zijn John McClane is een kwetsbare held, een die kan bloeden en dat ook effectief doet. Een held die gebreken heeft, die menselijk is en die in één emotionele scène het even niet meer ziet zitten. Daarom was het ook zo pijnlijk om hem in Live Free or Die Hard plots als een superheld met een straaljager te zien worstelen. Regisseur John McTiernan maakt op zijn beurt alles speels, spannend en spectaculair. Hij brengt zijn actie vinnig, duidelijk en zelfs geloofwaardig in beeld (hij maalt ook niet over een exit wound meer of minder). Hier kan de huidige generatie actieregisseurs nog iets van leren.

Related Posts Plugin for WordPress, Blogger...
TAGS: , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , ,

Comments are closed.